De scope van de Nota ligt op meerdere sporen, waarbij het grondverzetspoor het voornaamste is en de insteek bepaald voor het gebiedspecifiek beleid:
Grondverzet / hergebruik;
Ruimtelijke ontwikkeling;
Bouwen;
Bodemsanering (gevallen die niet onder de strekking van de Wbb vallen).
Hiermee wordt invulling gegeven aan het door de BBL ontwikkelde meersporenbeleid. Dit meersporenbeleid ligt aan de basis van een duurzame en efficiënte aanpak van de in de gemeente aanwezige diffuse bodemverontreinigingen.
Bij het opstellen van de Nota zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:
Het beleid wordt voor zoveel mogelijk sporen uniform opgezet;
Streven om zoveel mogelijk de bkk als bewijsmiddel te hanteren (verlichting van de administratieve lasten);
De regels dienen handhaafbaar te zijn;
Het beleid en regelgeving dient daar waar mogelijk al te anticiperen op de Omgevingswet.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.2