De aanspraak op bekostiging van voorbereidingskrediet vervalt, indien de aanvrager niet vóór 15 september van het jaar dat volgt op het jaar waarin het besluit is genomen, daadwerkelijk is gestart met de voorbereidingskrediet en niet vóór 1 oktober daaropvolgend informatie heeft verstrekt aan het college waaruit dit blijkt.
Hoofdstuk 4
Artikel 28