Aan een standplaatsvergunning worden in ieder geval voorwaarden verbonden ten aanzien van:
de geldigheidsduur van de vergunning;
de locatie en het middel (incl. het aantal vierkante meters) waarmee de standplaats wordt ingenomen;
de dag en het tijdstip waarop de standplaats mag worden ingenomen (als tijdstip wordt de verkooptijd zoals genoemd in de winkeltijdenwet gehanteerd);
gebruiksvoorschriften bij het bereiden van voedsel;
voorschriften ten aanzien van elektrische installaties en toestellen;
het aanzien van de omgeving;
het schoon opleveren van de standplaats na verkooptijd;
instructies van het bevoegd gezag;
aansprakelijkheid
Aan een koek- en zopie vergunning worden naast de bovengenoemde standaardvoorschriften de onderstaande bijzondere voorschriften verbonden:
bij het innemen van de standplaats moet het ijs ter plaatse voldoende sterk zijn – een dikte van tenminste 10 cm - en mogen er in een straal van circa 75 meter rondom de standplaats geen wakken aanwezig zijn;
de standplaats moet tenminste 5 meter uit de schaatsroute worden geplaatst.
Ten aanzien van het gebruik van het Raadhuisplein worden de volgende extra bepalingen opgenomen:
om beschadiging te voorkomen mogen er geen voorwerpen in de ondergrond worden aangebracht;
het Raadhuisplein is gesloten voor voertuigen met een aslast van meer dan 2,5 ton;
van de standplaats kan geen gebruik worden gemaakt wanneer er andere activiteiten/evenementen plaatsvinden op of in de directe omgeving.
Hoofdstuk 2
Artikel 9
Vergunningsvoorschriften
Onderdeel van Beleidsregels standplaatsen ambulante handel Alblasserdam 2016