Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4:

Artikel 20.

Verhouding prijs en kwaliteit levering voorziening door derden

Onderdeel van Verordening Maatschappelijke Ondersteuning Gemeente Tytsjerksteradiel 2018

In het nieuwe artikel 5.4 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 is nadere invulling gegeven aan de verplichting om in de verordening regels op te nemen met als doel een goede verhouding te waarborgen tussen de prijs voor de levering van een voorziening en de eisen die worden gesteld aan de kwaliteit daarvan. Het artikel bepaalt aan welke eisen tenminste moet worden voldaan om een goede prijs-kwaliteitverhouding te borgen. Dit artikel is van toepassing op alle vormen van Wmo dienstverlening. Uitgezonderd zijn de verstrekking van hulpmiddelen, individuele vervoersvoorzieningen en woningaanpassingen. Eerste lid In dit artikellid is geregeld dat het college voor het leveren van een dienst door een derde: een vaste prijs vaststelt; of een reële prijs vaststelt die als ondergrens geldt voor de vaste prijs. In het geval het college een reële prijs vaststelt, is het mogelijk dat inschrijvers een hoger tarief dan de reële prijs neerleggen. Het is niet mogelijk een lagere prijs neer te leggen. Stelt het college een vaste prijs vast, dan is het tarief voor de inschrijvers gelijk aan de vaste prijs. Tweede lid Bij het vaststellen van de prijs moet het college rekening houden met de eisen aan de kwaliteit van de dienst, waaronder de eisen aan de deskundigheid van de beroepskracht, en met de continuïteit in de hulpverlening . De invulling van de continuïteit van de hulpverleningsrelatie in financiële zin is nieuw voor de gemeenten. De aanbieder die de opdracht gegund krijgt, moet overleggen over het overnemen van personeel met de aanbieder die de opdracht tot dan toe uitvoerde. De gedachte is dat overname van personeel gemakkelijker verloopt wanneer de gemeente een reële prijs betaalt voor de opdracht. Derde lid Het college moet de vaste of reële prijs minimaal baseren op de in dit artikel genoemde kostprijselementen. Vierde lid Dit artikellid biedt het college de mogelijkheid om geen vaste of reële prijs te bepalen op basis van de genoemde kostprijselementen maar de bepaling van de hoogte van een reële prijs over te laten aan de inschrijvende partijen. Het college legt hierover verantwoording af aan de gemeenteraad. Vijfde lid Het college bepaalt met welke derde een overeenkomst wordt aangegaan en legt hierover verantwoording af aan de gemeenteraad.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel