Dit artikel geeft uitvoering aan artikel 2.1.3, tweede lid, onder e, van de wet. Hierin is bepaald datin ieder geval moet worden vastgelegd voor welke voorzieningen een regeling voor medezeggenschap van cliënten nodig is over voorgenomen besluiten van aanbieders die voor de gebruikers van belang zijn.
In dit artikel gaat het dus om medezeggenschap van cliënten tegenover de aanbieder. Voorheen moest de aanbieder voldoen aan de in de Wet klachtrecht cliënten en de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (Wmcz) gestelde regels. Onder de Wmcz werd inspraak tegenover de aanbieder ingevuld via de cliëntenraad. Onder de Wmo 2015 is het stellen van regels geheel aan gemeenten overgelaten.
In het eerste lid is dit uitgewerkt door te bepalen dat aanbieders een regeling voor medezeggenschap moeten vaststellen. De aanbieder is voor de in de verordening genoemde voorzieningen verplicht een medezeggenschapsregeling op te stellen .
In het tweede lid is een aantal instrumenten voor het college aangegeven om te zorgen dat de verplichting tot medezeggenschap door aanbieders goed wordt uitgevoerd.
HOOFDSTUK 5:
Artikel 24.
Medezeggenschap
Onderdeel van Verordening Maatschappelijke Ondersteuning Gemeente Tytsjerksteradiel 2018