De gemeente beoordeelt of alle informatie die nodig is voor een onderzoek, beschikbaar is. De cliënt heeft hierbij een actieve rol en kan eventueel aanvullende informatie aandragen die van belang is voor een goede beoordeling van de beperkingen, mogelijkheden en eventueel noodzakelijke ondersteuning. De gemeente moet de cliënt informeren over de persoonsgegevens die zij voor het onderzoek nodig heeft en wanneer nodig toestemming vragen om relevante informatie waarover zij op een andere manier beschikt, te mogen gebruiken of deze van derden te mogen betrekken. Zo kan het bijvoorbeeld nodig zijn om het advies in te winnen van een deskundige die vertrouwd is met de problematiek van de cliënt met een psychiatrische geschiedenis of een specifieke beperking die nadere toelichting vraagt. Wanneer dat aan de orde is, moet de gemeente een dergelijk advies afwachten. Dat is noodzakelijk in het kader van een zorgvuldig onderzoek en voor het totale beeld dat de gemeente zich moet vormen van de cliënt en zijn ondersteuningsvraag. Op grond van de wet moet de cliënt of zijn vertegenwoordiger het college alle gegevens en bescheiden verstrekken die voor het onderzoek nodig zijn en waarover hij redelijkerwijs de beschikking kan krijgen.
Bij het onderzoek moet de identiteit van de cliënt worden vastgesteld aan de hand van een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht. Dit onderwerp is nader uitgewerkt in beleidsregels.
HOOFDSTUK 1:
Artikel 5.
Informatie en identificatie
Onderdeel van Verordening Maatschappelijke Ondersteuning Gemeente Tytsjerksteradiel 2018