Naar hoofdinhoud
De Wet langdurige zorg (Wlz) en Zorgverzekeringswet (Zvw) vergoeden in het algemeen alle noodzakelijke kosten die verband houden met medische of paramedische behandeling. Beide regelingen gelden samen in het kader van de Participatiewet als een voorliggende voorziening die passend en toereikend is. Indien in het kader van de Wlz en Zorgverzekeringswet op grond van een bewuste beslissing over de noodzakelijkheid van een voorziening de keuze is gemaakt om één of meer kostensoorten niet in de voorziening op te nemen of de voorziening in een bepaalde situatie niet noodzakelijk te achten, dient de Participatiewet zich bij die keuze aan te sluiten en komt men ten aanzien van die kosten niet voor bijstandsverlening in aanmerking (TK 2002-2003, 28 870, nr. 3, p. 46 en CRvB 3 juli 2001, nrs. 00/1989 en 00/1993 NABW). Dit betekent in het algemeen dat kostensoorten die niet op grond van de Zvw of WLz worden vergoed ook niet in aanmerking komen voor bijzondere bijstand krachtens artikel 35 lid 1 PW. Voor sommige soorten zorg uit het basispakket moet een eigen bijdrage worden betaald. Er kan bijzondere bijstand verstrekt worden voor de eigen bijdragen voor de (medisch) noodzakelijke voorzieningen genoemd in de Zorgverzekeringswet. Hiervoor is niet noodzakelijk om een aanvullend medisch advies te vragen. Indien op grond van buitenwettelijk gemeentelijk beleid van de gemeente Oude IJsselstreek tot vergoeding van ziektekosten vanuit de bijzondere bijstand wordt overgegaan, gebeurd dat in principe onder aftrek van de vergoeding die een aanvullende verzekering biedt. Bijstandsverlening is mogelijk voor zover de gevraagde voorziening de goedkoopst, adequate noodzakelijke oplossing is en niet een gewenste duurdere oplossing. Indien cliënten voor bijzondere noodzakelijke kosten van het bestaan bijstand aanvragen zónder dat men aanvullend verzekerd is, of waarbij er sprake is van het verwijtbaar niet aanvullend verzekerd kunnen zijn, door bijvoorbeeld betalingsachterstanden, wordt in beginsel géén bijstand verstrekt voor de vergoeding welke ontvangen zou zijn wanneer men wél aanvullend én collectief aanvullend verzekerd was geweest. Indien clienten op het moment van de aanvraag en de afhandeling daarvan aan een traject deelnemen om het schuldenpakket te saneren of er een regeling loopt via de Stadsbank kan afgezien worden van de voorgaande bepaling.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel