Voor deelname aan het maatschappelijk verkeer bevat de bijstandsnorm een bepaald bedrag. Reiskosten vallen in de regel onder het begrip “deelname aan het maatschappelijk verkeer” en komen daarom in het algemeen niet in aanmerking voor bijzondere bijstand. Met alternatieve voorzieningen zoals BUUV en een experiment als de dorpsauto kan vervoer tegen een betrekkelijk lage prijs worden geregeld. Echter indien onomstreden is, dat het noodzakelijk kosten betreft, achtte de CRvB het niet juist om bij de bepaling van de hoogte van de bijzondere bijstand rekening te houden met het aandeel voor vervoerskosten dat begrepen is in de normuitkering (CRvB 04-07-2000, nr. 98/6119 NABW). Dit betekent dat in dat geval de reiskosten volledig voor vergoeding in aanmerking komen voorzover de kosten aantoonbaar zijn.