Als er gebruik moet worden gemaakt van de diensten van een advocaat, moet daarvoor een eigen bijdrage worden betaald ingevolge de Wet op de rechtsbijstand. Soms moeten er ook nog andere kosten betaald worden, zoals griffierechten en bureaukosten van de advocaat.
De Centrale Raad van Beroep heeft in een uitspraak vastgesteld dat de gemeente de noodzakelijkheid van het voeren van de procedure niet mag beoordelen, omdat de noodzaak al is beoordeeld op grond van de Wet op de rechtsbijstand. Wanneer de client via het Juridisch Loket bent doorverwezen, krijgt hij/zij korting op de eigen bijdrage. Als er derhalve sprake is van op grond van de Wet op de rechtsbijstand gefinancierde rechtskundige bijstand, worden de te betalen eigen bijdrage en de overige kosten aangemerkt als bijzondere kosten, waarvoor bijzondere bijstand om niet kan worden verleend. Indien client er niet voor kiest om niet eerst advies te vragen bij het Juridisch loket, maar direct naar een advocaat gaat, wordt de korting op mindering gebracht op de bijzondere bijstand.
De volgende kosten komen in beginsel niet in aanmerking voor bijzondere bijstand:
vertaalkosten in strafzaken. Advocaten kunnen namelijk (ingeval er een toevoeging is verleend!) kosteloos gebruik maken van een tolkencentrum.
Hoofdstuk 6
Artikel 6.3