Naar hoofdinhoud
a.. Bij overtreding, niet-, niet-tijdige of niet –behoorlijke nakoming van enige verplichting, voortvloeiende uit de verkoopovereenkomst en het daarin van toepassing verklaarde deel van deze algemene voorwaarden, verbeurt de wanpresterende partij of diens rechtsopvolger(s), na schriftelijke ingebrekestelling en na verloop van de in die ingebrekestelling bepaalde redelijke termijn en indien nakoming binnen deze termijn uit is gebleven, ten behoeve van de andere partij een onmiddellijk opeisbare boete van 10 % van de koopprijs, maar tenminste € 500,00 voor elke wanprestatie, tenzij op de betreffende overtreding, niet, niet-tijdige of niet –behoorlijke nakoming in enig artikel afzonderlijk een boete is gesteld, in welk geval de afzonderlijke boeteregeling van toepassing is. b.. De schriftelijke ingebrekestelling dient te geschieden met inachtneming van een redelijke termijn van minimaal acht dagen. c.. Naast het gestelde in lid a van dit artikel behouden de gemeente en koper het recht om ten aanzien van een tekortkoming in de nakoming van enige verplichting uit de verkoopovereenkomst en de daarbij behorende algemene voorwaarden alsnog nakoming, herstel, verandering of verwijdering te vorderen van hetgeen in afwijking van deze overeenkomst is geschied of nagelaten. Naast de boete kan – ook in geval van afzonderlijke boeteregelingen – steeds vergoeding van de schade, kosten en rente worden gevraagd. Door de inroeping van een boetebeding wordt de ontbindingsbevoegdheid in de zin van artikel 6:265 e.v. BW niet beïnvloed. e.. Op dit artikel is het bepaalde in artikel 1.18 van toepassing, zodat de verplichtingen uit dit artikel als kwalitatieve verplichting en subsidiair als kettingbeding worden gevestigd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel