Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Belangen en taken

Onderdeel van Regeling regio Stedendriehoek

De te behartigen belangen zoals deze waren genoemd in artikel 4, eerste lid zijn door wijziging van de regelgeving en door een wijziging van de taken van de regio achterhaald. Artikel 4, eerste lid (oud) wordt dan ook geheel geschrapt en vervangen door een nieuw artikel 4, eerste lid. Hierin zijn de nieuwe door de regio te behartigen gemeenschappelijke belangen opgenomen. Evenals de doelstelling zijn de te behartigen gemeenschappelijke belangen ontleend aan de Agenda Stedendriehoek en de 4 opgaven die zijn genoemd in de bestuursverklaring van de colleges van de deelnemende gemeenten. De wijze waarop de belangen worden behartigd is geregeld in het tweede lid. De onderdelen a. en b. van het tweede lid zijn ongewijzigd. In onderdeel c. zijn belangengroepen, maatschappelijke organisaties en private partijen toegevoegd als partijen waarmee ook overleg wordt gevoerd. Ook dit volgt uit de Agenda Stedendriehoek. Lid 3 van artikel 4 (oud) dat handelde over de bevoegdheden van de regio is geschrapt. Bevoegdheden Artikel 10, tweede lid van de Wgr bepaalt dat de regeling waarbij een openbaar lichaam wordt ingesteld aangeeft welke bevoegdheden de deelnemende gemeenten aan het openbaar lichaam toekennen; verder is bepaald dat de regeling bepalingen kan inhouden omtrent de wijze waarop verandering kan worden gebracht in de toegekende bevoegdheden. Hieraan is met ingang van 1 januari 2015 toegevoegd dat niet kan worden bepaald dat het bestuur van het openbaar lichaam kan besluiten tot uitbreiding van de overgedragen bevoegdheden. Bevoegdheden kan een openbaar lichaam in de eerste plaats ontvangen van de deelnemende gemeenten (art. 30 Wgr). Deze worden door de gemeenten overgedragen zodat zij zelf niet langer over deze bevoegdheden beschikken. Naast door gemeenten overgedragen bevoegdheden heeft het openbaar lichaam van rechtswege de bevoegdheid om aan het maatschappelijk verkeer deel te nemen (bv. verwerven van goederen, benoemen van personeel). Gemeenten kunnen in de regeling op deze bevoegdheid wel beperkingen aanbrengen (art. 31 Wgr). De bevoegdheden die bij de regeling worden overgedragen berusten bij de regioraad, tenzij bij wet of in de regeling anders is bepaald (art. 33 Wgr). Tot slot heeft een openbaar lichaam ook de bevoegdheden die annex zijn aan de bevoegdheden die door de gemeenten worden overgedragen, bv. het toepassen van bestuursdwang, het maken van bezwaar en het instellen van beroep of het voeren van overleg met derden omtrent een overgedragen bevoegdheid. Ook aan deze annexe bevoegdheden kunnen door de gemeenten in de regeling beperkingen worden gesteld. Er wordt uitdrukkelijk op gewezen dat de gemeenten zich verder tot niet meer verbinden dan waartoe zij zich in of krachtens de deze regeling hebben gebonden dan wel bij afzonderlijke besluiten tot delegatie. De bevoegdheden die aan de regio toekomen zijn die welke horen bij de wijze waarop volgens artikel 4 lid 2 de behartiging van de in artikel 4, eerst lid genoemde belangen plaats vindt. Het betreft ondermeer de bevoegdheden tot overleg, afstemming en coördinatie met de deelnemende gemeenten over beleidsvoornemens en beleidsmaatregelen. Het overleg en de belangenbehartiging kan plaats vinden met de hogere overheden, belangengroeperingen, maatschappelijke organisaties en private partijen. Verder heeft de regio de bevoegdheid tot bevordering van gemeenschappelijke standpuntbepaling en het geven van voorlichting inzake de belangenbehartiging. Naast de in lid 2 genoemde bevoegdheden kunnen de deelnemende gemeenten bevoegdheden aan de regioraad overdragen indien hierover overeenstemming bestaat tussen de gemeenten en de regio. Hoofdstuk III de Regioraad De regioraad is het algemeen bestuur van de regio Stedendriehoek. De leden van het algemeen bestuur worden door de raden van de deelnemende gemeenten uit hun midden, de voorzitter inbegrepen, en uit de wethouders, aangewezen. Ten gevolge van de dualisering van het gemeentebestuur maken wethouders na benoeming niet langer deel uit van de gemeenteraad. Om het mogelijk te maken, dat wethouders wel deel (kunnen) uitmaken van het algemeen bestuur is op dit onderdeel in artikel 13, eerste lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen voorzien. In de structuur van de regio is gekozen voor het per gemeente aanwijzen van twee vertegenwoordigers. Bij de stemmentoedeling wordt uitgegaan van een aantal stemmen per gemeente in samenhang met het aantal inwoners van de gemeente van herkomst. Daartoe wordt het inwonertal gedeeld door 10.000, hetgeen leidt tot het aantal stemmen per gemeente. Het aantal inwoners betreft het aantal op 1 januari van het jaar waarin de leden van de regioraad zijn aangewezen. Dit is telkens 1 januari van het jaar waarin de eerste vergadering in de zittingperiode van de raden plaats vindt. Dus telkens 1 januari van het jaar waarin de nieuwe gemeenteraden zijn gekozen. Zie ook artikel 8, tweede lid. Omdat elke gemeente met twee vertegenwoordigers in de Regioraad zitten heeft krijgen zij gezamenlijk de stemmen van hun gemeente. Als er slechts één lid vanuit een gemeente aanwezig is heeft hij alle stemmen van zijn gemeente.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel