Naar hoofdinhoud

Artikel 6.

Taken vertrouwenspersoon

Onderdeel van Klachtenregeling ongewenst gedrag gemeente Ooststellingwerf

1.. De vertrouwenspersoon zal de persoon die een klacht heeft inzake agressie, geweld, discriminatie, (seksuele) intimidatie en ander ongewenst gedrag aanhoren, bijstaan, begeleiden en van advies dienen. 2.. De vertrouwenspersoon zal de klager desgewenst ondersteunen bij het indienen van een klacht bij de klachtencommissie en/of –indien het een strafbaar feit betreft- bij het doen van aangifte bij de politie. 3.. Voor zover nodig en gewenst, betrokkene te verwijzen naar gespecialiseerde hulpverleningsinstanties. 4.. Wanneer er sprake is van een vermoedelijk strafbaar feit, de klager te wijzen op de mogelijkheid van strafrechtelijke stappen en te begeleiden ingeval van aangifte; 5.. Het onderhouden van contact met de klager om te bezien of het indienen van de klacht niet leidt tot repercussies voor de klager en om te bezien of, nadat de klacht is afgehandeld, de aanleiding van de klacht daadwerkelijk is weggenomen. 6.. Het registreren van de aard en de omvang van de klachten overeenkomstig het gestelde in artikel 1 lid c. 7.. Het jaarlijks schriftelijk verslag uitbrengen aan het bestuursorgaan over de werkzaamheden van de vertrouwenspersoon. 8.. De vertrouwenspersoon verricht geen handelingen dan na overleg met- en toestemming van – de medewerker die de klacht heeft ingediend. 9.. De vertrouwenspersoon dient bij de uitoefening van de functie ook rekening te houden met de rechten van de aangeklaagde. 7.. De vertrouwenspersoon zal de directie en andere relevante bedrijfsonderdelen gevraagd en ongevraagd adviseren op het gebied van preventie en bestrijding van ongewenst gedrag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel