Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK IV

Artikel 35a

Vragenuur

Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen van de raad van de gemeente Beek

1.. Aansluitend aan de vergaderingen van de raad is er maximaal 30 minuten gelegenheid voor een vragenuur, tenzij er bij de voorzitter geen vragen zijn ingediend. In bijzondere gevallen kan het Presidium bepalen dat het vragenuur op een ander tijdstip wordt gehouden. De voorzitter bepaalt op welk tijdstip het vragenuur eindigt. 2.. Het lid van de raad dat tijdens het vragenuur vragen wil stellen meldt dit onder aanduiding van het onderwerp tot uiterlijk 10.00 uur op de dag van de vergadering bij de voorzitter en griffier. De voorzitter kan na overleg met het Presidium weigeren een onderwerp tijdens het vragenuur aan de orde te stellen indien hij het onderwerp niet voldoende nauwkeurig acht aangegeven of indien het onderwerp in de raadsvergadering op dezelfde dag aan de orde komt. De griffier draagt zorg voor verspreiding van het onderwerp vanaf 11.00 uur aan de overige leden van de raad en het college. 3.. De voorzitter bepaalt de volgorde waarin aangemelde onderwerpen tijdens het vragenuur aan de orde worden gesteld. 4.. De voorzitter bepaalt per onderwerp de spreektijd voor de vragensteller, de wethouders, de burgemeester en de overige leden van de raad. 5.. De vragensteller wordt het woord verleend om één onderwerp per vergadering aan het college of de burgemeester aan de orde te stellen en een toelichting daarop te geven. 6.. Indien vragen niet binnen de gestelde tijd worden beantwoord volgt schriftelijke beantwoording. 7.. Tijdens het vragenuur kunnen geen moties worden ingediend en worden geen interrupties toegelaten. 8.. Van het vragenuur wordt overeenkomstig art. 16 RvO, voor zover van toepassing, een verslag gemaakt.

Rechtspraak bij dit artikel