Een cliënt komt in aanmerking voor een maatwerkvoorziening, indien:
naar het oordeel van het college sprake is van een beperking in de zelfredzaamheid of participatie die niet op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, gebruikelijke voorzieningen of hulp uit het sociale netwerk kan worden verminderd of weggenomen;
deze volgens het onderzoek voor een lange tijd noodzakelijk is om de cliënt in staat te stellen tot zelfredzaamheid en/of participatie;
deze volgens het onderzoek een adequate bijdrage levert aan de zelfredzaamheid en participatie;
de maatwerkvoorziening er aan bijdraagt dat de cliënt langer thuis woont;
er geen wettelijke voorliggende voorzieningen aanwezig zijn; en
dit de goedkoopst adequate voorziening aan te merken is.
HOOFDSTUK 4
Artikel 4.3
Criteria voor een maatwerkvoorziening in natura en pgb
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Zaltbommel 2018