**1..** Aan de eigenaar-bewoner die op grond van deze verordening een voorziening aan de woning heeft ontvangen die leidt tot waardestijging van de woning, wordt de voorwaarde opgelegd om bij verkoop van deze woning binnen een periode van 15 jaar na gereedmelding van de voorziening, deze verkoop van de woning onverwijld aan het college te melden. De meerwaarde als gevolg van de woning die direct is toe te schrijven aan de voorziening dient naar rato van het aantal jaren dat in de woning is geleefd te worden terugbetaald overeenkomstig hetgeen bepaald is in de leden 2, 3, 4, 5 en 6 van dit artikel.
**2..** De verplichting uit het lid 1 is van toepassing als de woonvoorziening gerealiseerd is in de vorm van uitbreiding van de woning door een aan- op-of bijbouw al dan niet gepaard gaande met verwerving van de voor de bouw benodigde grond.
**3..** De vaststelling van de eventuele meerwaarde geschiedt door een beëdigd taxateur, aan te wijzen door de woningeigenaar.
**4..** Het te restitueren bedrag is een percentage van:
tot 2 jaar na de woningaanpassing: vergoeding van 100 % van het getaxeerde bedrag;
tot 4 jaar na de woningaanpassing: vergoeding van 80 % van het getaxeerde bedrag;
tot 6 jaar na de woningaanpassing: vergoeding van 60 % van het getaxeerde bedrag;
tot 8 jaar na de woningaanpassing: vergoeding van 40 % van het getaxeerde bedrag;
tot 10 jaar na de woningaanpassing: vergoeding van 20 % van het getaxeerde bedrag.
**5..** Dit bedrag is nooit meer dan het bedrag dat ten laste van de gemeente is gekomen in verband met de getroffen voorzieningen.
**6..** Op het te restitueren bedrag worden de kosten van de taxatie in mindering gebracht.
**7..** Een eventueel betaalde eigen bijdrage wordt op het te restitueren bedragen in mindering gebracht.
**8..** Het college kan in bijzondere gevallen afzien van het terugvorderen van de restitutie.
HOOFDSTUK 6
Artikel 6.8
Terugbetalen bij verkoop
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Zaltbommel 2018