Artikel 2.5.30 van de Bouwverordening maakt het tot op heden mogelijk om omgevingsvergunningen te toetsen aan parkeren. Via dit artikel wordt een parkeereis opgelegd. Sinds het in werking treden van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) wordt het bestemmingsplan gezien als het instrument om stedenbouwkundige bepalingen te regelen. Op 29 november 2014 zijn de Woningwet en het Besluit ruimtelijke ordening gewijzigd waardoor het parkeren voortaan in bestemmingsplannen moet worden geregeld. Er kan niet meer worden verwezen naar de stedenbouwkundige bepalingen uit de bouwverordening.
De wetgever heeft een overgangsperiode ingesteld tot 1 juli 2018, waarbij de parkeernormen uit de Bouwverordening van toepassing blijven op alle plannen die voor 29 november 2014 zijn vastgesteld. Na 1 juli dient er dus een andere grondslag te zijn om eisen te kunnen stellen aan het aantal parkeerplaatsen bij ruimtelijke ontwikkelingen.