Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.4

Groot onderhoud versus vervangingsinvesteringen

Onderdeel van Nota Waarderen en afschrijven vaste activa gemeente Papendrecht 2018

Door de Commissie BBV wordt in het kader van verkrijging/vervaardiging en onderhoud van kapitaal-goederen de volgende uitspraak over onderhoud gedaan: "De kosten van (klein en groot) onderhoud zijn niet levensduurverlengend en mogen niet worden geactiveerd". Bij de beantwoording van de vraag of bepaalde kosten wel of niet moeten te worden geactiveerd, is het van belang om duidelijkheid te scheppen over wat onder onderhoud wordt verstaan. Hiervoor is de volgende indeling gemaakt; Klein onderhoud; keert jaarlijks terug. Dit is ook de reden dat deze uit jaarlijkse budgetten bekostigd moeten worden en dat activering niet mogelijk is; Groot onderhoud; het gaat om zaken die één keer in de zoveel jaar moeten gebeuren, bijvoorbeeld het (buiten)schilderwerk van een gebouw op grond van een periodiek geactualiseerd onderhoudsplan. Ook voor deze lasten geeft het BBV geen mogelijkheden tot activering. De keuze bestaat uit dekking van de kosten ten laste van  de exploitatie of vanuit een voorziening. In de nota reserves en voorzieningen zijn hiervoor uitgangspunten geformuleerd; Levensduurverlengende investeringen; hiervoor geldt expliciet dat ze bijdragen aan een substantiële levensduurverlenging en kwaliteitsverbetering van het betreffende actief, zoals bijvoorbeeld het renoveren van een gebouw. Hiervoor geldt de normale weg van het beschikbaar stellen van een investeringsbudget.

Rechtspraak bij dit artikel