**1..** Het dagelijks bestuur kan de uitkering tijdelijk weigeren in de mate waarin de klant inkomen als bedoeld in of op grond van artikel 8 van de IOAW of de IOAZ zou hebben kunnen verwerven, als:
aan de beëindiging van zijn dienstbetrekking een dringende reden ten grondslag ligt in de zin van artikel 678 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek en hem ter zake een verwijt kan worden gemaakt, of
de dienstbetrekking is beëindigd door hem of op zijn verzoek zonder dat aan de voortzetting ervan zodanige bezwaren waren verbonden, dat deze voortzetting redelijkerwijs niet van hem zou kunnen worden gevergd.
**2..** Het dagelijks bestuur kan de uitkering blijvend weigeren naar de mate waarin de klant inkomen als bedoeld in of op grond van artikel 8 van de IOAW of de IOAZ zou hebben kunnen verwerven, als een persoon:
nalaat algemeen geaccepteerde arbeid te aanvaarden, of
door eigen toedoen geen algemeen geaccepteerde arbeid verkrijgt.
Hoofdstuk 6.
Artikel 15.
Blijvende of tijdelijke weigering ( IOAW art. 20 en IOAZ art. 20)
Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ Werk en Inkomen Lekstroom 2018