**1..** Er wordt, met inachtneming van artikel 2 slechts subsidie verleend voor activiteiten die aantoonbaar het rendement van het reguliere vve-traject verhogen. Deze activiteiten concurreren in doelstelling niet met het reguliere VVE- aanbod, maar zijn aanvullend of ondersteunend.
**2..** De activiteiten die hier onder worden verstaan zijn:
De subsidieaanvrager signaleert achterstandssituaties en ontplooit activiteiten die leiden tot overbrugging van die achterstanden aanvullend op het reguliere VVE-aanbod voor kinderen van 2,5 tot 4 jaar, en/of;
de subsidieaanvrager verzorgt toeleiding, plaatsing en/of nazorg van deelname aan de vroeg- en voorschoolse educatie, en/of;
de subsidieaanvrager verzorgt activiteiten op het gebied van taal en opvoeding van ouders van kinderen die deelnemen aan een VVE-traject of schakelklas.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.3
Artikel 2.3.2
Specifieke subsidiecriteria
Onderdeel van Nadere Subsidieregels 2018