Om de ondersteuningsbehoefte vast te stellen vindt een (keukentafel)gesprek plaats tussen de medewerker van het gebiedsteam en de jeugdige en/of zijn ouders. Dit gesprek kan plaatsvinden op basis van een melding, maar ook in het kader van een tussenevaluatie of een herindicatie.
Het gesprek wordt bij voorkeur bij de jeugdige en/of zijn ouders thuis gevoerd omdat dit de vertrouwde omgeving van de hulpvrager is. Daarbij kan het relevant zijn de leefomgeving van de jeugdige te zien. De jeugdige en/of zijn ouders kan/kunnen aangeven het gesprek liever elders te voeren, bijvoorbeeld op het gemeentehuis of bij een vertrouwenspersoon. Waar nodig of gewenst kan tevens een jeugddeskundige of de reeds betrokken zorguitvoerder bij het gesprek aanwezig zijn en/of later betrokken worden bij de uitwerking van het maatwerkplan.
Het gesprek betreft een brede en integrale uitvraag vanuit het afwegingskader zoals verwoord in hoofdstuk 2.
Hierbij wordt onder andere gebruik gemaakt van een vraagverhelderingsmodule. Dit is een instrument dat kan worden gebruikt om de vraag en de mate van zelfredzaamheid van de hulpvrager in kaart te brengen op meerdere leefgebieden (inkomen, werk & opleiding, tijdsbesteding, huisvesting, huiselijke relaties, geestelijke gezondheid, lichamelijke gezondheid, middelengebruik, vaardigheden bij activiteiten van het dagelijks leven (ADL), sociaal netwerk, maatschappelijke participatie en justitie). Per leefgebied is aangegeven welke feitelijke omstandigheden bij welk niveau van zelfredzaamheid horen. Dit kan gedaan worden bij het eerste gesprek/intake maar ook bij de voortgang en bij de afsluiting van het ondersteuningstraject. Door op meerdere momenten te toetsen, wordt inzicht verkregen in de vooruitgang die is geboekt.
Bij meervoudige complexe problematiek of wanneer er sprake is c.q. lijkt van een onveilige situatie voor de jeugdige is nader advies verplicht. Bij (vermoedens van) huiselijk geweld en kindermishandeling dient de procedure zoals opgenomen in bijlage 6 te worden gevolgd.