Naar hoofdinhoud

Artikel 3.1

Procedure van vaststelling

Onderdeel van Beleidsnota integrale handhaving gemeente Oldebroek 2009

De beleidsnota moet gezien worden als een verzameling beleidsregels, welke betrekking heeft op de bevoegdheden van respectievelijk de burgemeester en burgemeester en wethouders. Dit betekent dat de nota door deze bestuursorganen vastgesteld dient te worden. Daar de nota een kaderstellende nota is, heeft deze geen rechtstreekse werking naar de burgers. Daarmee is het niet noodzakelijk om ten aanzien van de nota inspraak te verlenen. Uiteraard betekent dit niet dat omtrent handhaving niet gecommuniceerd wordt met de burger. In tegendeel de gemeente hecht er bijzonder grote waarde aan dat stelselmatig en adequaat gecommuniceerd wordt met de burger over de naleving van de regelgeving. Verwezen wordt in dit verband naar het gestelde in hoofdstuk 7. Gelet op de aard van de materie, alsmede gelet op het feit dat de nota kaderstellend is, is de nota als oriënterend ontwerp ter bespreking voorgelegd aan de gemeenteraad en heeft dienaangaande een behandeling plaatsgevonden tijdens vergaderingen van de commissie Bestuur en Veiligheid van 26 juni 2008. In de commissie is de nota met waardering ontvangen. De diverse fracties hebben met instemming kennisgenomen van het voornemen om een bijzonder opsporingsambtenaar aan te stellen. In de commissie werd het belang van een goede communicatie benadrukt. Hoewel overleg met andere overheden strikt formeel niet is voorgeschreven, is het oriënterend ontwerp bij brief van 8 juli 2008 toegezonden aan de directe buurgemeenten (Heerde, Kampen, Hattem, Elburg), de provincie, politie, Openbaar Ministerie, het waterschap en de inspectie VROM. Daarbij is verzocht om eventuele opmerkingen uiterlijk 15 augustus 2008 schriftelijk kenbaar te maken. De buurgemeenten, de provincie, politie, openbaar minister en het waterschap hebben geen opmerkingen kenbaar gemaakt. De inspectie VROM heeft per e-mail een schriftelijke reactie gegeven.

Rechtspraak bij dit artikel