De algemeen directeur:
Geeft leiding aan de organisatie en is eindverantwoordelijk voor de aansturing van de gehele organisatie;
Is bestuurder in het kader van de Wet op de Ondernemingsraden;
Is voorzitter van het Directieteam (DT);
Is aanspreekpunt voor directeuren en de staffunctionarissen;
Bevordert en bewaakt in samenspraak met het DT het functioneren en de kwaliteit van de ambtelijke organisatie als geheel;
Agendeert stukken voor het College;
Zorgt voor eenheid van leiding in samenspraak en samenwerking met het college en het DT;
Onderhoudt actieve en communicatieve werkrelaties met bestuur en ambtelijke organisatie;
Stimuleert de onderlinge samenwerking tussen directies;
Richt tijdelijke projecten of programma’s in.
Legt de bedrijfsvoering vast door het ontwikkelen en vaststellen van concernrichtlijnen op middelengebied en het bewaken van de uitvoering daarvan;
Zorgt ervoor dat de directeuren over de noodzakelijke middelen en ondersteuning beschikken om de van hen gevraagde prestaties te kunnen leveren;
Beheert (control) de activiteiten in de organisatie op basis van tussentijdse informatie over de voortgang, bijsturen van activiteiten, resultaten en middelen.