**1..** Het college, of andere aangewezen organisatie, verzamelt alle voor het onderzoek van de gemelde hulpvraag, van belang zijnde en toegankelijke gegevens over de cliënt en zijn situatie en maakt zo spoedig mogelijk met hem een afspraak voor een gesprek.
**2..** Voor of tijdens het gesprek verschaft de cliënt aan het college alle overige gegevens en bescheiden die naar het oordeel van het college hiervoor nodig zijn en waarover de cliënt op dat moment redelijkerwijs de beschikking kan krijgen. De cliënt verstrekt in ieder geval een identificatiedocument als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage.
**3..** Als de cliënt genoegzaam bekend is bij de gemeente, kan het college
met instemming van de cliënt afzien van een vooronderzoek als bedoeld in het eerste lid.
**4..** Het college brengt de cliënt op de hoogte van de mogelijkheid om een persoonlijk plan als bedoeld in artikel 2.3.2, tweede lid, van de Wmo op te stellen en stelt hem gedurende zeven werkdagen na melding in de gelegenheid het plan te overhandigen.
HOOFDSTUK 2
Artikel 6.