Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 9

Aanbeveling

Onderdeel van Verordening inzake de herbenoeming burgemeester

De raad bespreekt het verslag van de commissie met de burgemeester. Indien de raad dat nodig oordeelt, overlegt de raad vooraf ter zake met de commissaris. Voordat de raad een aanbeveling inzake de herbenoeming van de burgemeester opstelt, overlegt de raad met de commissaris over het functioneren van de burgemeester. Het overleg met de commissaris vindt plaats met gesloten deuren. Van de beraadslagingen wordt een afzonderlijk verslag opgemaakt dat niet openbaar wordt gemaakt. De raad zendt een aanbeveling tenminste vier maanden voor de eerste dag van de maand waarin de herbenoeming dient in te gaan, aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, door tussenkomst van de commissaris. De raad verstrekt bij zijn aanbeveling het verslag van de commissie, het verslag van de beraadslagingen van de raadsvergadering waarin de aanbeveling is vastgesteld, alsmede overige voor de beoordeling van de aanbeveling relevante informatie. De raad verstrekt de burgemeester afschriften van voornoemde stukken. De aanbeveling van de raad is openbaar. Ten aanzien van de stukken die door de commissie aan de raad worden gezonden, de beraadslagingen daarover in de raad en van de stukken die door de raad aan de minister worden gezonden, geldt een geheimhoudingsplicht. Na ontvangst van de aanbeveling zendt de commissaris deze zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen één maand door naar de minister vergezeld van zijn advies daarover. Tevens rapporteert de commissaris over zijn bevindingen met betrekking tot de inhoud en het verloop van de procedure. Daarbij gaat hij in op zijn overleg met de raad en op het gesprek dat hij met de burgemeester heeft gehad, indien de aanbeveling daartoe aanleiding geeft.

Rechtspraak bij dit artikel