In deze verordening wordt verstaan onder:
markt: de door het college ingestelde warenmarkt;
standplaats: de ruimte die voor de duur van de markt is aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel;
vaste standplaats: de standplaats die voor onbepaalde tijd ter beschikking is gesteld aan een vergunninghouder;
dagplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt gesteld aan een vergunning-houder, omdat deze niet als vaste standplaats is toegewezen dan wel is ingenomen;
vergunninghouder: degene aan wie door het college vergunning is verleend voor het innemen van een standplaats;
wachtlijst: de lijst van gegadigden voor een vaste standplaats in volgorde van datum van binnen-komst van de schriftelijke aanvraag;
anciënniteitlijst: de lijst van vergunninghouders van een vaste standplaats in volgorde van datum van verlenen van de vergunning;
marktmeester: de persoon die als zodanig is aangewezen door het college.
marktcommissie: de op grond van artikel 84 van de Gemeentewet ingestelde commissie, die het college adviseert in zaken die direct betrekking hebben op de markten.
inrichtingsplan: de verbeelding die samen met het marktreglement de nadere regels betreffende de weekmarkten van Huizen toont.