Naar hoofdinhoud
1.. De termijn waarbinnen de belanghebbende zijn aanvraag, zoals bedoeld in artikel 4:5 van de Awb, kan aanvullen bedraagt in beginsel 7 dagen. In individuele gevallen kan van deze termijn worden afgeweken (korter of langer). 2.. De termijn, genoemd in het eerste lid, kan worden verlengd indien de belanghebbende daarom verzoekt zolang de termijn, genoemd in het eerste lid, nog niet is verlopen. 3.. Het verzoek, zoals genoemd in het tweede lid, wordt door het college gehonoreerd, indien door de belanghebbende is aangetoond dat de geboden termijn, zoals genoemd in het eerste lid, te kort is gebleken.

Rechtspraak bij dit artikel