Naar hoofdinhoud
1.. Het college kan een vergunning of ontheffing intrekken of wijzigen: op verzoek van de vergunninghouder of ontheffinghouder; wanneer de vergunninghouder of ontheffinghouder het gebied, waarvoor de vergunnig of ontheffing is verleend, waar hij woont verlaat of het daar uitgeoefende beroep of bedrijf beëindigt; wanneer er zich een wijziging voordoet in een van de omstandigheden die relevant warenvoor het verlenen van de vergunning of ontheffing; wanneer voor het betreffende gebied het stelsel van vergunningen of ontheffingen komt te vervallen; wanneer de vergunninghouder of ontheffinghouder handelt in strijd met de aan de vergunning of ontheffing verbonden voorschriften; wanneer blijkt dat bij de aanvraag van de vergunning of ontheffing onjuiste gegevens zijn verstrekt; om redenen van openbaar belang. 2.. De betrokkene wordt van het intrekken of wijzigen van de vergunning of ontheffing schriftelijk en met redenen omkleed in kennis gesteld. 3.. De vergunninghouder of ontheffinghouder is verplicht wijzigingen in één van de omstandigheden, die relevant waren voor het verlenen van de vergunning of ontheffing, binnen een maand na bekend worden met nieuwe feiten te melden bij het college.

Rechtspraak bij dit artikel