Naar hoofdinhoud

Artikel 13

Zeer ernstige misdragingen

Onderdeel van Maatregelenverordening Wet werk en bijstand 2004

1.. Indien een belanghebbende zich zeer ernstig misdraagt tegenover het college of zijn ambtenaren, dan wel goederen in gebruik bij de gemeente Baarn of uitvoeringsorganisatie BBS te Soest onder omstandigheden die rechtstreeks verband houden met de uitvoering van de wet wordt een maatregel opgelegd. 2.. Het in het eerste lid bepaalde is tevens van toepassing in geval van een uiting of gedraging gericht tegen medewerkers werkzaam bij of goederen in gebruik bij het CWI te Soest, dan wel een derde door wie ten behoeve van het college werkzaamheden als bedoeld in artikel 7, vierde lid van de wet wordt verricht. 3.. De maatregel als bedoeld in lid 1 van dit artikel wordt in voorkomende situaties individueel vastgesteld door het college en is afhankelijk van de ernst van het wangedrag, de mate van verwijtbaarheid en de persoonlijke omstandigheden van de belanghebbende. De maatregel kan zowel inhouden een verlaging van de uitkering gedurende een bepaalde tijd als bijvoorbeeld een (tijdelijk) toegangsverbod. Wangedrag wordt op geen enkele wijze getolereerd en door geen algemene maatregelnormering vast te stellen kan bij het onverhoopt voorkomen van wangedrag een adequate maatregel worden opgelegd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel