Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2.

Artikel 14

Intrekken vergunning.

Onderdeel van Monumentenverordening 2001

1.. De vergunning kan door burgemeester en wethouders worden ingetrokken indien: blijkt dat de vergunning ten gevolge van een onjuiste of onvolledige opgave is ver leend; blijkt dat de vergunning houder de voorschriften, bedoeld in artikel 8 niet naleeft; de omstandigheden aan de kant van de vergunninghouder zicht zodanig hebben gewijzigd, dat het belang van het monument zwaarder dient te wegen; de aanvrager hierom verzoekt. 2.. De beschikking tot intrekking wordt in afschrift gezonden aan de monumentencommissie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel