Salaris bij aanstelling
Burgemeester en wethouders stellen met in achtneming van de resultaten van functiewaardering, de bepalingen in deze verordening, de regeling functioneringsgesprekken en methodische personeelsbeoordeling het salaris van de ambtenaar, vast op een bedrag in een van de schalen vermeld in bijlage II A van de CAR.
De ambtenaar wordt bij in dienst treding ingepast in de bij de functie behorende aanloopschaal, indien de ambtenaar nog niet volledig voldoet aan de gestelde functie-eisen.
Anders dan bij wijze van disciplinaire straf, als bedoeld in artikel 16 van de Uitwerkingsovereenkomst (UWO), kan zonder voorafgaand ontslag voor een ambtenaar geen salarisschaal gaan gelden met een lager maximumsalaris dan dat van de reeds voor hem geldende salarisschaal.
Van het bepaalde in lid 2 en 3 kan worden afgeweken, ingeval daartoe naar het oordeel van burgemeester en wethouders aanleiding bestaat.