Onder de naam van "havengeld en opslaggeld" worden rechten geheven voor het gebruik of het genot hebben van de navolgende gemeentelijke bezittingen, werken of inrichtingen:
1 havengeld;
voor het met een vaartuig invaren en of verblijven in de Rijnhaven, al dan niet met inbegrip van het gebruik maken van de openbare kades, oevers, aanlegsteigers, meerpalen e.d., die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn;
voor het direct of indirect met een vaartuig gebruik maken van openbare kades buiten de Rijnhaven, waarbij onder kades, tevens worden verstaan oevers, aanlegsteigers, meerpalen e.d., die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn;
2 opslaggeld, voor het opslaan van goederen of het hebben van voorwerpen of werktuigen op openbare kades, oevers of daarbij in gebruik zijnde opslagterreinen, die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn.
Artikel 2
Aard van de heffing en belastbaar feit
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van haven- en opslaggeld 2010