**1..** De subsidieontvanger dient een aanvraag tot vaststelling in bij het college:
bij een eenmalige subsidie, uiterlijk 13 weken na het verricht zijn van de activiteiten;
bij een jaarlijks verstrekte subsidie, uiterlijk vóór 1 juni in het jaar na afloop van het kalenderjaar, respectievelijk 5 maanden na het subsidietijdvak, waarvoor de subsidie is verleend.
**2..** In afwijking van het eerste lid behoeven subsidies tot 5.000 euro geen aanvraag tot vaststelling. Deze subsidies worden direct bij de verlening vastgesteld.
**3..** Subsidies vanaf 5.000 euro worden binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag tot subsidievaststelling de subsidie vastgesteld.
**4..** Indien uit de aard van de subsidie, dan wel de verantwoording daarvan, volgt dat voor de beslissing op de vaststelling van de subsidie een langere termijn nodig is dan de in het derde lid genoemde termijn, dan bericht het college de subsidieontvanger daarvan zo snel mogelijk na ontvangst van de aanvraag tot subsidievaststelling.
**5..** Indien de aanvraag tot subsidievaststelling niet voor het in eerste lid genoemde tijdstip is ontvangen, gaat het college zes weken na een eenmalige rappel over tot ambtshalve vaststelling.
**6..** Het college kan bepalen dat ook andere dan de in het tweede lid genoemde subsidies direct worden vastgesteld.
HOOFDSTUK 7.
Artikel 12.