Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 9

Hoorzitting

Onderdeel van Verordening commissie bezwaarschriften 2006

1. De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen. 2. Het horen vindt plaats door de voorzitter en tenminste één commissielid. 3. De voorzitter beslist of kan worden afgezien van horen op grond van artikel 7:3 van de Awb. 4. Indien de voorzitter op grond van het derde lid besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel