De belasting bedraagt voor:
het hebben van een vaste pomp ten behoeve van leveren van olie, benzine, petroleum of andere vluchtige koolwaterstoffen, met inbegrip van de daarbij behorende leidingen:
voor het eerste aftappunt € 101,46
voor het tweede aftappunt € 134,18
voor het derde en elk volgende aftappunt € 166,27
het hebben van een lucht- of wateraftappunt, met inbegrip van de daarbij behorende leidingen € 32,72
het hebben van een automatisch verkooptoestel ten behoeve van het leveren van olie, benzine, petroleum, of andere vluchtige koolwaterstoffen, met inbegrip van de daarbij behorende leidingen:
voor toestellen met een maximum afleveringscapaciteit van ten hoogste 3 liter per keer € 64,81 per jaar;
voor de overige toestellen wordt een belasting geheven overeenkomstig het bepaalde in het eerste lid van dit artikel.
Hoofdstuk
Artikel 3
Belastingtarief
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2011