De aanstelling geschiedt in tijdelijke dienst voor bepaalde tijd, te weten:
voor de leden van het college van burgemeester en wethouders:
voor de periode dat zij deel uitmaken van het bestuur;
voor een burger die als buitengewoon ambtenaar wordt aangesteld:
een eerste aanstelling voor een periode van een jaar. Daarna kan de aanstelling twee maal worden verlengd met een periode van vijf jaar, tot uiterlijk het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd;
een burger die na het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd als buitengewoon ambtenaar wordt aangesteld:
een tijdelijke aanstelling voor de periode van een jaar, waarna verlenging steeds met een jaar mogelijk is.
voor buitengewoon ambtenaren die eenmalig een huwelijk wensen te voltrekken: voor de daartoe in het benoemingsbesluit aangegeven dag.
Een aanstelling voor bepaalde tijd eindigt van rechtswege.
Artikel 3
Aanstelling
Onderdeel van Rechtspositieregeling voor de buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand