Naar hoofdinhoud
1.. Deze verordening is van toepassing op: beplantingen die gelegen zijn binnen de bebouwde kom als bedoeld in artikel 4.1, onderdeel a, van de Wet natuurbescherming, en: houtopstanden die gelegen zijn buiten de bebouwde kom als bedoeld in artikel 4.1, onderdeel a, van de Wet natuurbescherming, voor zover het niet gaat om houtopstanden als bedoeld in artikel 4.1, onderdelen c, d, e en h van hoofdstuk 4 van de Wet natuurbescherming.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel