Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Artikel 8

Onderdeel van SPEELAUTOMATENHALVERORDENING

1.. De burgemeester kan de vergunning intrekken: indien blijkt dat de vergunning ten gevolge van een onjuiste of onvolledige opgave is verleend; indien de omstandigheden of inzichten op grond waarvan de vergun­ning is verleend zodanig zijn gewijzigd dat een situatie is ontstaan als bedoeld in artikel 6, onder e; indien gehandeld wordt in strijd met aan de vergunning verbonden voorschriften en beperkingen; indien de exploitatie van een speelautomaten hal voor een periode van langer dan zes maanden wordt onderbroken. 2.. Intrekking van de vergunning geschiedt niet, spoedeisende gevallen uit­ gezonderd, voordat de vergunninghouder bij aangetekende brief van dit voornemen in kennis is gesteld. Daarbij wordt hem medegedeeld, dat hij in de gelegenheid wordt gesteld zich in persoon of bij gemachtigde door de burgemeester of een door deze aangewezen ambtenaar te worden ge­hoord.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel