**1..** De aanvraag voor een woonvoorziening als bedoeld in dit hoofdstuk wordt geweigerd indien:
a. de noodzaak tot het treffen van de woonvoorziening het gevolg is van een verhuizing waartoe op grond van belemmeringen bij het normale gebruik van de woning ten gevolg van ziekte of gebrek geen aanleiding bestond en er geen andere belangrijke reden aanwezig was;
b. de aanvrager niet is verhuisd naar de voor zijn of haar beperkingen op dat moment beschikbare meest geschikte woning, tenzij daarvoor tevoren schriftelijk toestemming is verleend door het college;
c. deze betrekking heeft op voorzieningen in gemeenschappelijke ruimten anders dan automatische deuropeners, hellingbanen en extra trapleuningen;
d. de woonvoorziening aangevraagd wordt op een moment dat op basis van leeftijd, gezinssituatie of woonsituatie te voorzien was dat deze voorziening noodzakelijk zou zijn en daarmee geen sprake is van een onverwacht optredende noodzaak;
e. de aanvrager voor het eerst zelfstandig gaat wonen, uitsluitend voor zover de aanvraag een verhuiskostenvergoeding betreft;
f. de aanvrager verhuisd is vanuit of naar een woonruime die niet geschikt is het gehele jaar door bewoond te worden;
g. de aanvrager verhuisd is naar een AWBZ-instelling of een andere instelling gericht op het verstrekken van zorg;
h. in de verlaten woonruimte geen problemen bestonden met het normale gebruik van de woning;
i. de ondervonden problemen bij het normale gebruik van de woning voortvloeien uit de aard van de in de woning gebruikte materialen.
**2..** Een voorziening voor onderhoud, keuring en reparatie als bedoeld in artikel 15 onder e wordt slechts toegekend indien:
a. de woonvoorziening is verleend op grond van de huidige verordening, de Wet voorziening gehandicapten, de Regeling Geldelijke Steun Huisvesting Gehandicapten of de Beschikking Geldelijke Steun Huisvesting Gehandicapten;
b.de woonvoorziening voorkomt in de Beleidsregels voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Westerveld en het Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Westerveld;
c. de aanvrager ten tijde van het onderhoud, de keuring of reparatie de woonruimte als hoofdverblijf bewoont.
**3..** Een voorziening voor tijdelijke huisvesting als bedoeld in artikel 15 onder f wordt slechts toegekend indien:
a. de tijdelijke huisvesting het gevolg is van het aanpassen van de huidige woning of de door aanvrager nog te betrekken woning waarvoor een woonvoorziening is verleend op grond van de huidige verordening;
b. de onder a genoemde woning ten gevolge van het realiseren van de woningaanpassing niet door aanvrager bewoond kan worden en de aanvrager als gevolg daarvan voor dubbele woonlasten komt te staan.
**4..** Het college legt in het Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Westerveld de duur, de vorm en de hoogte van de voorzieningen vast zoals bedoeld in artikel 15 onder e en f.
Hoofdstuk 4.
Artikel 20
Aanvullende begrenzing recht op woonvoorziening.
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Westerveld