Naar hoofdinhoud
1.. Het is verboden buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer of van het Besluit op een zodanige wijze toestellen of geluidsapparaten in werking te hebben of handelingen te verrichten dat voor een omwonende of voor de omgeving geluidhinder wordt veroorzaakt. 2.. Het college kan van het verbod ontheffing verlenen. 3.. Het college kan nadere regels stellen ten aanzien van activiteiten of handelingen bedoeld in het eerste lid. 4.. Het verbod en een vereiste van een ontheffing gelden niet voor zover er sprake is van besloten feesten, niet zijnde activiteiten of evenementen die geregeld zijn in de artikelen 2:24 en 2:25, indien een geluidsnorm van maximaal 70 dB(A) in acht wordt genomen en een eindtijd van 01.00 uur. Voor dagen waarop een werkdag volgt geldt als eindtijd 24.00 uur. 5.. Het verbod geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet geluidhinder, de Zondagswet, de Wet openbare manifestaties, het Vuurwerkbesluit of de Provinciale milieuverordening. 6.. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel