Degene die een lijk wil doen begraven maakt daarvoor gebruik van een
door of namens het college vast te stellen formulier, dat uiterlijk
om 11.00 uur op de werkdag voorafgaande aan de dag waarop de
begraving dient plaats te vinden, bij de beheerder wordt ingeleverd.
Indien men een lijk wil doen begraven of een asbus wil doen
bijzetten, wordt op het in het vorige lid bedoelde formulier
aangegeven ten aanzien van welke in artikel 7 of 8 bedoelde typen
graven men een grafrecht wil vestigen.
Indien de burgemeester van Diemen verlof heeft verleend om het lijk
binnen 36 uur na het overlijden te begraven moet het verzoek daartoe
aan de beheerder zo tijdig mogelijk worden gedaan.
Bij het in het eerste en derde lid bedoelde verzoek tot begraven
dient het verlof tot begraving van de ambtenaar van de burgerlijke
stand of een ander wettelijk daarmee gelijkgesteld document te
worden overgelegd.
Indien het lijk binnen 36 uur na het overlijden wordt begraven dient
behalve het in het vierde lid bedoelde verlof of document ook het in
het derde lid bedoelde verlof van de burgemeester te worden
overgelegd.
Indien de begraving of de bijzetting van een asbus in een
particulier graf zal plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan
de beheerder te worden overgelegd. De machtiging moet zijn
ondertekend door de rechthebbende.
Het is verboden om een lijk te begraven in een zinken of andere
metalen of kunststof (binnen)kist.
Het is verboden om een lijk te begraven met gebruikmaking van een
lijkhoes die niet voldoet aan de eisen die daarvoor in de daarvoor
landelijk vastgestelde regels zijn gesteld.
Het is verboden om in een kist of ander omhulsel voorwerpen of
objecten bij te sluiten die niet tot de kist of het lijk behoren,
anders dan kleine verteerbare grafgiften.
Bij het ter begraving aanbieden van een kist of ander lijkomhulsel
dient uiterlijk om 11.00 uur op de werkdag voorafgaand aan de dag
van begraving een schriftelijke verklaring te worden overgelegd -
volgens een door de beheerder beschikbaar gesteld model - omtrent de
aanwezigheid van de in voorgaande leden bedoelde materialen en
voorwerpen. Indien van een lijkhoes gebruik wordt gemaakt, zal de
aanbieder tevens moeten overleggen:
a) een afschrift van een rapport waaruit blijkt dat de gebruikte hoes
voldoet aan de normen van de daarvoor vastgestelde wettelijke regels en
b) een bewijs dat de betreffende hoes is aangekocht.