Het college draagt het bestuur van de uitvoeringsorganisatie op om te zorgen voor en vast te leggen:
een eenduidige indeling van de uitvoeringsorganisatie en een eenduidige toewijzing van de gemeentelijke taken aan de organisatieonderdelen
een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden en verantwoordelijkhedenverlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en investeringskredieten
regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening van de financieringsfunctie
de te maken afspraken met de uitvoeringsorganisatie over de te leveren prestaties, de daarvoor beschikbare middelen en de wijze en frequentie van rapportage over de voortgang van de activiteiten en uitputting van middelen;
kostenverdeelsleutels voor het eenduidig toewijzen van de lasten en baten aan de taakvelden
regels voor de inkoop en de aanbesteding van goederen, werken en diensten
regels voor de steunverlening en de toekenning van subsidies aan ondernemingen en instellingen
maatregelen voor het voorkomen van fraude, misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen, opdat aan de eisen van rechtmatigheid, controle en verantwoording wordt voldaan.