Naar hoofdinhoud
Burgemeester en wethouders maken gebruik van de bevoegdheid tot het verstrekken van bijstand in de vorm van een lening indien: de bijstand wordt verleend, terwijl redelijkerwijs kan worden aangenomen dat op korte termijn over voldoende middelen zal worden beschikt; de noodzaak tot bijstandsverlening het gevolg is van een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid; de bijstand betrekking heeft op een waarborgsom; de bijstand verleend wordt ter aflossing van een schuldenlast; de bijstand verleend wordt voor de kosten van noodzakelijke duurzame gebruiksgoederen.

Rechtspraak bij dit artikel