Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3: › Paragraaf 3.3:

Artikel 3:16:

Vaststelling van het vermogen

Onderdeel van Verzamelbeleidsregels Participatiewet, IOAW, IOAZ en BBZ 2018

1.. Het college stelt bij aanvang van de bijstandsverlening het vermogen vast, conform het bepaalde in artikel 34, eerste en tweede lid, PW. 2.. Bij de bepaling van het vermogen laat het college de volgende zaken buiten beschouwing: auto's die ouder zijn dan 9 jaar, tenzij het een auto betreft van een merk zoals opgenomen in Bijlage 2 bij deze beleidsregels; aanhangers en caravans die ouder zijn dan 9 jaar; brom- en snorfietsen, niet zijnde brom- of snorscooters; brom- en snorscooters die ouder zijn dan 5 jaar; brommobielen die ouder zijn dan 5 jaar. 3.. Bij vaststelling van het vermogen tijdens de periode van bijstandsverlening, is het bepaalde in het tweede lid van overeenkomstige toepassing, maar als belanghebbende een traject volgt op het gebied van schuldhulpverlening is de aanschaf van een vervoermiddel, als bedoeld in het tweede lid, in dat geval reden tot onderzoek.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel