Een aanvraag om een maatschappelijk of horecagebouw te gebruiken als pension wordt getoetst aan de volgende criteria:
de huisvesting vindt uitsluitend plaats in het hoofdgebouw;
er is voldoende leefruimte met voldoende privacy voor de bewoners. Daarbij wordt uitgegaan van een gebruiksoppervlakte van minimaal 12 m2 per bewoner;
de huisvesting leidt niet tot een nadelige beïnvloeding van het verkeer;
er zijn voldoende parkeerplaatsen aanwezig. De gemeentelijke nota over parkeernormen is het toetsingskader;
er worden maximaal 30 personen gehuisvest;
per kern wordt maximaal één gebouw als pension voor ‘ander woongebruik’ als bedoeld in deze beleidsregel gebruikt;
direct omwonenden en direct aangrenzende bedrijven zijn voorafgaand aan het indienen van de aanvraag per brief geïnformeerd over de aanvraag. In deze brief staat feitelijke informatie over het ander woongebruik en waar men terecht kan met vragen;
een afvaardiging van dorpsbelang of wijkvertegenwoordigers, direct omwonenden en direct aangrenzende bedrijven zijn om advies gevraagd. Dit schriftelijk advies is onderdeel van de aanvraag. In de aanvraag is toegelicht òf en hoe gehoor is gegeven aan het advies;
de aanvraag is ruimtelijk goed onderbouwd;
de huisvesting voldoet aan de actuele criteria voor huisvesting van Stichting Normering Flexwonen (SNF) of daaraan gelijk te stellen criteria. De aanvrager toont dit aan door binnen drie maanden na ingebruikname van de huisvesting de certificatie volgens SNF of daaraan gelijk te stellen certificatie over te leggen aan de gemeente.
Paragraaf 3
Artikel 4
Toetsingscriteria
Onderdeel van Beleidsregel Ander woongebruik kernen in Noordoostpolder 2018