**1..** Dit artikel verstaat onder:
iepenziekte: de aantasting van iepen door de schimmel Ophiostoma
ulmi (Buism.) Nannf. (syn. Ceratocystis ulmi (Buism.) C.
Moreau);
iepenspintkever: het insect, in elk ontwikkelingsstadium,
behorende tot de soorten Scolytus scolytus (F.) en Scolytus
multistratus (Marsch) en Scolytus pygmaeus.
**2..** Indien zich op een terrein één of meer iepen bevinden die naar het
oordeel van het college gevaar opleveren van verspreiding van de
iepenziekte of voor vermeerdering van de iepenspintkevers, is de
zakelijk gerechtigde, indien hij daartoe door het college is
aangeschreven, verplicht binnen de bij aanschrijving vast te stellen
termijn:
indien de iepen in de grond staan, deze te vellen;
de iepen ter plaatse te ontbasten en de bast te
vernietigen;
de niet ontbaste iepen of delen daarvan te vernietigen of
zodanig te behandelen dat verspreiding van de iepenziekte wordt
voorkomen.
**3..** Het is verboden gevelde iepen of delen daarvan, met uitzondering van
geheel ontbast iepenhout en iepenhout met een doorsnede kleiner dan 4
centimeter, voorhanden te hebben of te vervoeren.
**4..** Het college kan ontheffing verlenen van het in het derde lid genoemde
verbod, onder het verbinden van voorschriften of beperkingen.
**5..** Het niet-voldoen aan de in het tweede lid bedoelde aanschrijving biedt
een basis voor de toepassing van bestuursdwang, waarbij de noodzakelijke
werkzaamheden, voor risico en voor rekening van aangeschrevene, door of
namens de gemeente kunnen worden verricht.