Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 20

Overschrijving van verleende rechten

Onderdeel van Beheersverordening begraafplaatsen 2018

1. . Het recht op een particulier graf kan op aanvraag van de rechthebbende worden overgeschreven op naam van de echtgenoot of levenspartner dan wel een bloedverwant of aanverwant tot en met de derde graad. De overschrijving komt alleen tot stand als de persoon op wiens naam bedoeld recht wordt overgeschreven, daarmee instemt. Overschrijving op verzoek van de rechthebbende op naam van een ander dan de vorengenoemde personen is slechts mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen zijn. Het verzoek dient aan het college van burgemeester en wethouders te worden gericht. 2. . Na het overlijden van de rechthebbende kan het recht op het particuliere graf worden overgeschreven op naam van de echtgenoot of levenspartner dan wel een bloed- of aanverwant tot en met de derde graad, indien de aanvraag daartoe wordt gedaan binnen één jaar na het overlijden van de rechthebbende. Overschrijving ten name van een ander dan de in de vorige zin bedoelde personen is slechts mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen zijn. Indien de overleden rechthebbende in het graf dient te worden begraven of indien de asbus met zijn resten in het graf dient te worden bijgezet, dient het verzoek tot overschrijving daaraan voorafgaand te worden gedaan. 3. . Indien na het overlijden van de rechthebbende de aanvraag tot overschrijving aan het college niet wordt gedaan binnen de in het tweede lid van dit artikel gestelde termijn, is het college bevoegd het recht op het particulier graf te doen vervallen, tenzij het een recht op het particuliere graf voor onbepaalde tijd betreft dat na 01-01-1996 is verleend. 4. . Na het verstrijken van de in het tweede lid genoemde termijn van een jaar kan het college het particulier graf alsnog op naam stellen van een nieuwe rechthebbende, tenzij dit recht betrekking heeft op een graf dat inmiddels is geruimd.

Rechtspraak bij dit artikel