**1..** Bij de verlening van structurele subsidies voor dezelfde of in
hoofdzaak dezelfde voortdurende activiteiten houdt het college
rekening met loon- en prijsontwikkelingen (indexering).
**2..** De in het eerste lid bedoelde indexering voor aanvragers die meer
dan € 10.000 subsidie per jaar ontvangen, geschiedt op de volgende
wijze:
de subsidie wordt gesplitst in een loongevoelig deel en een
niet-loongevoelig deel;
de hoogte van het loongevoelige deel wordt bepaald aan de
hand van het advies dat de Vereniging van Nederlandse
Gemeenten voor het betreffende kalenderjaar uitbrengt;
de hoogte van het niet-loongevoelige deel wordt bepaald door
de hoogte van het niet-loongevoelige deel van de subsidie
van het kalenderjaar voorafgaande aan het kalenderjaar
waarvoor subsidie wordt gevraagd, te verhogen met het
algemene percentage waarmee de gemeentebegroting voor het
kalenderjaar waarvoor subsidie wordt gevraagd wordt
aangepast.
**3..** De in het eerste lid bedoelde indexering vindt voor aanvragers die
minder dan € 10.000 subsidie per jaar ontvangen, geschiedt op de
volgende wijze: de subsidie van het kalenderjaar voorafgaande aan
het kalenderjaar waarvoor subsidie wordt gevraagd, wordt verhoogd
met het algemene percentage waarmee de gemeentebegroting voor het
kalenderjaar waarvoor subsidie wordt gevraagd wordt aangepast.