Naar hoofdinhoud

Artikel 9

Termijnen van betaling

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van rioolheffing 2019

1.. Ingeval het belastingtijdvak de verbruiksperiode is, moet het voorlopig gevorderde bedrag, alsmede het definitief gevorderde bedrag, in afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet, worden betaald tegelijk met en op dezelfde wijze als die waarop het voorschotbedrag onderscheidenlijk het definitieve bedrag van de afrekening van Brabant Water moet worden betaald. 2.. Ingeval de belasting wordt geheven bij wege van aanslag moet het bedrag, in afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet, worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de tweede maand volgende op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 3.. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in voorgaande leden gestelde termijnen.

Rechtspraak bij dit artikel