De duur van de maatregel wordt vastgesteld op een maand.
In afwijking van het eerste lid kan de duur van de maatregel
worden verdubbeld, indien de jongere binnen
twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarbij een maatregel is
opgelegd, opnieuw één van de
verplichtingen bedoeld in artikel 45 van de wet schendt. Met een besluit
waarmee een maatregel is opgelegd
wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien op grond van
dringende redenen, bedoeld in artikel 6,
tweede lid.
HOOFDSTUK 2.
Artikel 10.
De duur van de maatregel
Onderdeel van Maatregelenverordening Wet investeren in jongeren