Indien het niet of niet behoorlijk nakomen van de
inlichtingenplicht, bedoeld in artikel 44, eerste lid, van de
wet heeft geleid tot het ten onrechte toekennen of uitvoeren van
het werkleeraanbod of tot het ten onrechte of tot een te hoog
bedrag verlenen van de inkomensvoorziening, wordt de maatregel
afgestemd op de hoogte van het benadelingsbedrag.
De maatregel bedoeld in het eerste lid wordt op de volgende
wijze vastgesteld:
bij een benadelingsbedrag tot € 1000,-: 10 procent van
de WIJ-norm;
bij een benadelingsbedrag van € 1000,- tot € 2000,-: 20
procent van de WIJ-norm;
bij een benadelingsbedrag van € 2000,- tot € 4000,-: 40
procent van de WIJ-norm;
bij een benadelingsbedrag van € 4000,- of meer: 100
procent van de WIJ-norm.
De duur van de maatregel, bedoeld in het eerste lid, wordt
vastgesteld op een maand.
Van een maatregel wordt afgezien:
zodra ter zake van de gedraging strafvervolging is
ingesteld en het onderzoek ter terechtzitting een
aanvang heeft genomen;
b.zodra het recht tot strafvervolging is vervallen, doordat het Openbaar
Ministerie een schikking met
belanghebbende heeft getroffen.
HOOFDSTUK 3.
Artikel 12.
Schending inlichtingenplicht met benadeling gemeente
Onderdeel van Maatregelenverordening Wet investeren in jongeren